dinsdag 9 augustus 2016

Van de Killing Fields naar het Motor Café






Vandaag een dag van uitersten. Het was pas in 1979 dat Cambodja van de Khmer Rouge van Pol Pot werd bevrijd. Hij slaagde erin in minder dan 4 jaar tijd een kwart van de bevolking uit te moorden en dat alles onder het oog van de internationale gemeenschap.
We beginnen de dag voordat het heet is daarom op de Killing Fields, net buiten de stad gelegen. Het was één van de massagraven door heel Cambodja waar tegenstanders werden doodgeknuppeld om kogels te sparen. Of waar hun keel werd doorgesneden met de scherpe bladeren van de palmboom. Op de plaats de lege kuilen van massagraven. Door de regenval komen er nog steeds kledingsresten en beenderen naar boven. In de gedenkstupa liggen de schedels gerangschikt op basis van het moordwerktuig dat werd gebruikt.
Op de terugweg naar de stad vertelt chauffeur Alec over de kippensoep met marihuana die hij vroeger wel eens maakte. Ook in de stad veel restaurants die Happy Pizza verkopen. We doen goede (souvenir) zaken op de Russian Market: een gong, armbandjes, hangers en boeddha beelden.
We zijn nog niet klaar met de Rode Khmer want ook de martelingen in het Tuol Sleng museum mag je niet overslaan als je in Phnom Penh bent. Veel cellen zijn in de oorspronkelijke staat te bezichtigen en vooral de verhalen over de slachtoffers maar ook de daders maken indruk. Je begint zo een beetje te begrijpen hoe de wereld heeft kunnen toekijken en de verantwoordelijken nog steeds niet zijn veroordeeld.
Na de lunch in sneltreinvaart door het Koninklijk Paleis. Hoewel Pol Pot de tijd letterlijk terugzette naar het jaar 0, is nog veel van de praal van het koningshuis intact. Een gouden troon, een pagode met een vloer van zilver, een gouden Boeddhabeeld van bijna 100 kilo. Toch heeft de koning alleen maar een ceremoniële functie, lijkt het.
In het Nationaal Museum staat een grote collectie aan Khmer kunst, van zo vroeg als de 6de eeuw. Eerst maar eens Angkor Wat bezichtigen om een beter beeld te krijgen van de ontwikkeling.
Laatste bezienswaardigheid is Wat Phnom waar volgens de overlevering een oude vrouw genaamd Penh 4 Boeddhabeelden vond in een boom en ze op een heuvel (Phnom) plaatste. Veel te doen: bedelaars Met een been waar we een pak ansichtkaarten van kopen, manden met vogeltjes, lotusbloemen en veel wierook. Hier komt de halve stad bidden voor een goede afloop van een examen of operatie. Als je wens uitkomt ga je terug om je offer te brengen: gezien de offers bij de Boeddhabeelden zijn bananen en geld populair bij de goden.
Vanavond een vegetarisch restaurant. Groente volgens Boeddha's geheime recept. De cocktails zijn hier minder spectaculair dan in de rooftop bar: wortelsap, passievrucht-shake. En als je zelf in Cambodja bent sla dan het dessert met de veelbelovende naam Bun Bun niet over!
Na zoveel gezond eten willen we nog wel wat alcohol voordat we het hotel opzoeken. In het lokale Motor Café speelt een Cambodjaanse band. Voor de deur tientallen scootertjes en een interieur met raceauto stoelen. We nemen Pinaconala (geen spelfout), Sex on the Beach en One Night Stand. Vooral de laatste wordt op een interessante manier geserveerd met een borrelglas in een groter glas met grenadine. Proost!

1 opmerking: